Column


Met dank aan Maarten

Een van de grootste geschenken die Maarten Luther ons gegeven heeft, vijfhonderd jaar geleden, is wel de bijbel. Dat grote boek waar velen ook altijd wat tegenaan hikken omdat teksten daaruit gebruikt zijn om mensen te kleineren, de macht te sanctioneren of om als grote woord van God jou de les te lezen. Ik snap dat allemaal. Iedereen heeft wel zo zijn geschiedenis met dit boek. En ook zijn oordelen.

Maar met het ‘Sola Scriptura!’ is ook een beweging in gang gezet die op zoek ging naar de bronnen. Leesbaar gemaakt voor mensen zoals u en ik. Luther heeft ruimte vrijgemaakt om ook zelf te gaan grasduinen in dit grote boek. Hij heeft mensen gestimuleerd om oude, gestolde interpretaties van dit boek af te blazen en te zoeken naar nieuwe betekenissen. In zijn kielzog zijn voor ons vele reuzen hiermee aan de slag gegaan. Voor mij is K.H. Miskotte zo’n reus. Iemand die de moed had om van platgetreden paden af te wijken en te zoeken naar wat er nu eigenlijk precies staat. Of de woorden die wij met de bijbel associëren wel ‘bijbels’ zijn. Kent de bijbel wel zo’n gedachte als het ‘hiernamaals’? Is de God van de bijbel wel die almachtige en alomtegenwoordige godheid die het brein is achter alles wat er gebeurt? Is schepping wel hetzelfde als natuur? Gaat het in de bijbel wel om een metafysica of gaat het veel meer over het vaak kale leven hier en nu? Is het wel een boek voor religieuze mensen of spreekt het misschien wel heel kritisch over de religie?

We maken het deze weken mee in de diensten met het boek Job. Aangrijpende verhalen die ons raken. Die ruimte scheppen voor de klacht, voor het lijden en de kaalheid van het naakte bestaan. De vrienden van Job doen nog hun best om de zaak religieus wat op te vijzelen. Maar Job moet er niets van hebben. ‘Gebabbel’ noemt hij het. ‘Geklets’. Dat zo’n boek als Job ook in de bijbel staat. Er is weinig of heel beperkt over gepreekt omdat wat daar aan de orde wordt gesteld misschien wel haaks staat op hoe wij willen geloven en zeker willen weten. Maar het bijzondere van dit boek is nu juist dat het ook ruimte geeft aan ongeloof, aan de vloek, aan de klacht. Wat een openbaring! Dat er in dat oude boek, dat al eeuwen met ons meegaat, zaken aan de orde komen die ons ook vandaag zo intens kunnen raken. En ons als het ware terugwerpen op de grote vragen van het menselijk leven. Nee, niet met antwoorden komt dit boek. Zoveel is wel duidelijk. Maar het leert ons stapje voor stapje met de grote vragen te leven. En dit alles tegen de achtergrond van die grote naam van een God die zo anders is dan al onze projecties. Een God die in het rijtje van de goden een vreemde snuiter is. Een naam die zegt: Ik met jou. Gekend en geliefd. Meer hebben we misschien wel niet nodig.

Met dank aan Maarten,

Ad van Nieuwpoort